Overslaan en naar de inhoud gaan

NEDERLANDSE VERENIGING VAN AMATEUR VLIEGTUIGBOUWERS

Wijzigingen tijdens de bouw

2. Wijzigingen tijdens de bouw

2.1 De Regeling nationale veiligheidsvoorschriften luchtvaartuigen (voorheen Regeling Amateurbouw Luchtvaartuigen) maakt geen duidelijk onderscheid tussen major en minor wijzigingen. Voor informatie hierover wordt verwezen naar de betreffende regelgeving. In het algemeen geldt een wijziging als 'major' als de vliegeigenschappen, veiligheid of geluidsproductie er door beïnvloed worden. Ten einde moeilijkheden achteraf te voorkomen, is het uiterst zinvol dat de bouwer iedere wijziging op een duidelijke wijze documenteert (bijv. in het bouwlogboek).
Dit is in ieder geval noodzakelijk voor z.g. 'major' wijzigingen.

2.2 Indien sprake is van een 'major' wijziging kan bij andere bouwers nagevraagd worden of de wijziging voor het betreffende toestel reeds bekend is. De hiervan beschikbare documentatie kan (en moet!) dan later worden gebruikt bij de BvL aanvraag. Is dit niet het geval (het betreft dan een niet goedgekeurde wijziging), dan dient de bouwer zelf zorg te dragen voor een goedkeuring resp. verklaring van geen bezwaar van de ontwerper / fabrikant voor de wijziging (zie hiervoor de betreffende MAL). Indien het niet mogelijk is een goedkeurende verklaring te verkrijgen, valt de wijziging onder het regiem “eigen ontwerp” en zal met behulp van externe deskundigen (b.v. TU Delft) de luchtwaardigheid van de wijziging moeten worden aangetoond!
Niet gedocumenteerde of niet door de ontwerper goedgekeurde wijzigingen worden door de IL&T niet geaccepteerd.

2.3 Wijzigingen die betrekking hebben op de geluidsproductie van het toestel, dienen vooraf door IL&T goedgekeurd te worden. Wees je ervan bewust, dat dit gezien de hedendaagse 'gevoeligheid' voor alles wat met geluid te maken heeft een uiterst moeizaam traject is.

2.4 'Minor' wijzigingen vereisen geen goedkeur. De regeling is hier wat duidelijker in dan de oude regeling. Uit de regeling:

De ontwerper van een amateurbouwluchtvaartuig, vaak een kitfabrikant, geeft de bouwer vaak op een aantal punten in het ontwerp een zekere vrijheid voor de detail-invulling. Bijvoorbeeld de specifieke plaats van een instrument in het dashboard kan door de bouwer aangepast worden aan zijn eigen
specifieke voorkeuren. Wanneer de houder van het luchtvaartuig later een wijziging van het luchtvaar-tuig wil doorvoeren die binnen deze door de ontwerper/kitfabrikant geboden invullingsruimte valt, wordt het ontwerp van deze wijziging door de minister als goedgekeurd door de fabrikant beschouwd. Er hoeft hiervoor dan ook geen wijzigingsaanvraag te worden ingediend.

Of een wijziging waarvoor de minister op voorhand heeft ingestemd, verenigbaar is met het luchtvaar-tuig kan alleen beoordeeld worden door degene die verantwoordelijk is voor de configuratie van het luchtvaartuig. Dit betekent dat de eigenaar of houder van het luchtvaartuig tezamen met degene die de inbouw van de wijziging uitvoert moet bekijken of deze situatie zich voordoet.

Over het algemeen geldt voor wijzigingen: bezint eer ge begint!!